Vier concepten, één doel: ontdekken wat écht werkt bij de verduurzaming van bestaande woningen

Hoe maak je bestaande huurwoningen toekomstbestendig én houd je oog voor comfort, betaalbaarheid en beheer? Die vraag kwam centraal te staan in de Energieproeftuin die we samen met Thuisvester realiseerden.

Voor zestien bestaande woningen werkten we in eerste instantie één integraal renovatieconcept uit. Het doel was om de woningen naar Nul-op-de-Meter te brengen en te laten voldoen aan de eisen van de Energieprestatievergoeding (EPV). Ons oorspronkelijke voorstel bestond uit een nieuwe ClickBrick-gevel, geïsoleerde sandwich dakpanelen, een ventilatiewarmtepomp en CO₂-gestuurde afzuiging.

Nadat ons plan was geselecteerd, stelden we in overleg met Thuisvester voor om verder te kijken dan deze ene oplossing. Zo groeide de renovatie uit tot een praktijkonderzoek naar de mogelijkheden van Nul-op-de-Meter in de bestaande woningvoorraad. In plaats van één integraal renovatieconcept toe te passen, realiseerden en monitorden we vier verschillende combinaties van gevel- en installatietechniek.

Deze concepten ontwikkelden en realiseerden we samen met Thuisvester, Atriensis en installatiepartner WVI. Door de prestaties meerdere jaren te volgen, kregen we inzicht in wat technisch werkt, wat bewoners nodig hebben en welke oplossingen ook op de lange termijn beheersbaar blijven.

Van renovatie naar praktijkonderzoek

Tijdens de uitwerking besloten we samen om niet één oplossing toe te passen, maar verschillende varianten in de praktijk te onderzoeken. De zestien woningen werden verdeeld over vier woonblokken, elk met een andere combinatie van gevel- en installatietechniek.

De belangrijkste vraag was of bestaande woningen, ondanks de beperkingen van de bestaande bouw, daadwerkelijk konden voldoen aan de NOM- en EPV-doelstellingen. Denk aan vloeren die niet geïsoleerd kunnen worden doordat een kruipruimte ontbreekt, bestaande kozijnmaten, relatief grote glasoppervlakken en woningen die tijdens de werkzaamheden bewoond blijven.

Als Nul-op-de-Meter haalbaar bleek, wilden we ook weten welke technische varianten mogelijk waren, wat deze oplossingen betekenden voor bewoners en beheer en welke investeringen daarvoor nodig waren.

Door de verschillende concepten in de praktijk toe te passen, konden we ze vergelijken op energieprestatie, comfort, onderhoud, investeringsniveau en uitvoerbaarheid. De uitkomsten gaven Thuisvester een praktische basis voor toekomstige verduurzamingsprojecten.

Vier concepten in de praktijk

Samen met WVI onderzochten we acht installatievarianten. Atriensis rekende deze door op energieprestatie en haalbaarheid binnen de EPV-regeling.

Op basis daarvan kozen we vier concepten, die we in de vier woonblokken realiseerden en monitorden:

  • Luchtwarmtepomp met natuurlijke toevoer en mechanische afzuiging
  • Ventilatiewarmtepomp met behoud van bestaande radiatoren
  • PVT-warmtepomp met gebalanceerde ventilatie
  • Luchtwarmtepomp met decentrale ventilatie

Bij de selectie keken we niet alleen naar de energieprestaties. Ook de gevolgen voor bewoners en de uitvoerbaarheid in bewoonde woningen speelden een belangrijke rol. Een gebalanceerd ventilatiesysteem presteert energetisch bijvoorbeeld goed, maar vraagt in een bestaande woning om ingrijpende aanpassingen. Naar iedere verblijfsruimte moeten kanalen voor de luchttoevoer en -afvoer worden aangebracht. Daarom pasten we deze oplossing slechts in één woonblok toe.

De installatieconcepten combineerden we met ClickBrick-gevels of prefab HSB-voorzetgevels. Daarnaast kregen de woningen triple beglazing, geïsoleerde sandwichdakpanelen, zonnepanelen en, waar de bestaande situatie dit toeliet, vloerisolatie.

Door de varianten onder vergelijkbare omstandigheden te realiseren, konden we niet alleen de energieprestaties vergelijken. We kregen ook inzicht in onderhoud, beheerbaarheid, bewonerscomfort en uitvoerbaarheid in bewoonde woningen.

Investeren in kennis

De keuze voor een energieproeftuin betekende een grotere investering dan oorspronkelijk voorzien. Afhankelijk van het gekozen concept lag de investering per woning circa 20 tot 45 procent hoger dan bij het oorspronkelijke renovatieconcept.

Daar stond voor Thuisvester een belangrijke opbrengst tegenover. Door meerdere oplossingen onder vergelijkbare omstandigheden te realiseren en te monitoren, werd zichtbaar hoe de concepten in de praktijk presteerden. Niet alleen op energiegebruik, maar ook op bewonerscomfort, onderhoud, beheer en exploitatie.

De energieproeftuin was daarmee niet alleen een investering in zestien woningen. Het project leverde ook praktijkervaring op waarmee Thuisvester toekomstige verduurzamingskeuzes beter kon onderbouwen.

Meten, leren en optimaliseren

Alle woningen kregen meetapparatuur voor energieopwekking, energieverbruik, ventilatie en installatiefuncties. Het eerste jaar stond vooral in het teken van het betrouwbaar krijgen van de meetgegevens. Bij bijna alle woningen moesten onderdelen van het monitoringssysteem worden vervangen.

Daardoor konden over het eerste jaar nog geen zuivere conclusies worden getrokken over de totale opwekking en het energiegebruik. Toch leverde de monitoring al praktische verbeteringen op. Zo bleken sommige warmwaterinstallaties onnodig hoog ingesteld. Nadat WVI de instellingen had aangepast, daalde het energiegebruik.

In het tweede monitoringsjaar waren wel betrouwbare gegevens beschikbaar. Deze lieten zien dat de woningen op jaarbasis voldoende duurzame elektriciteit opwekten om het energiegebruik te compenseren. Daarmee werd aangetoond dat Nul-op-de-Meter binnen deze projectopzet ook bij bestaande woningen haalbaar is.

De vergelijking gaf bovendien inzicht in beheer en onderhoud. Het concept met de ventilatiewarmtepomp bleek het minst storingsgevoelig en vergde het minste onderhoud. De PVT-bronwarmtepomp presteerde eveneens goed, maar vroeg meer onderhoud en beheer, onder andere door het vervangen van filters.

Zo kon Thuisvester toekomstige oplossingen niet alleen beoordelen op energieprestatie, maar ook op onderhoudsbehoefte, complexiteit en exploitatie.

Techniek werkt pas als bewoners ermee kunnen werken

Bewoners ervoeren de woningen over het algemeen als comfortabel. Tegelijkertijd vraagt een Nul-op-de-Meterwoning om een andere manier van wonen. Verwarming op lage temperatuur, ventilatie en warmwatergebruik hebben direct invloed op de prestaties.

Bewoners kregen tijdens persoonlijke instructiemomenten uitleg over de centrale bediening van verwarming en ventilatie. Toch kostte de nieuwe manier van verwarmen tijd om aan te wennen. Bij lagetemperatuurverwarming is het bijvoorbeeld belangrijk om de temperatuur zo stabiel mogelijk te houden en niet voortdurend bij te stellen. Ook het warmwatergebruik vroeg bij sommige bewoners om aanpassing.

De belangrijkste les was duidelijk: succesvolle verduurzaming draait niet alleen om techniek. Heldere communicatie, goede begeleiding en duidelijk verwachtingsmanagement zijn minstens zo belangrijk. Door bewoners eerder en uitgebreider mee te nemen, kunnen het dagelijks gebruik en de technische oplossingen beter op elkaar aansluiten.

Ervaring voor iedere volgende verduurzamingsopgave

De Energieproeftuin leverde veel meer op dan zestien verduurzaamde woningen. We bouwden praktijkervaring op met luchtdichting, installatie-inpassing, prefab gevelsystemen, sandwichdakpanelen, bewonersbegeleiding, monitoring en onderhoud binnen renovaties in bewoonde staat.

Ook de uitvoering leverde duidelijke lessen op. Een zorgvuldige en langere voorbereiding is bij dit soort ingrijpende renovaties onmisbaar. Werkzaamheden waarbij complete daken worden verwijderd en gevels worden vervangen, plan je bij voorkeur buiten de winterperiode.

Daarnaast bleek opnieuw dat theorie en praktijk niet altijd volledig op elkaar aansluiten. Verschillende oplossingen waren op tekening technisch uitvoerbaar, maar moesten in de woningen worden aangepast aan kleine verschillen in indeling, maatvoering en inrichting. Wat op papier één aanpak leek, werd in de praktijk zestien keer een unieke opgave.

De opgedane inzichten pasten we vervolgens toe in andere projecten. Dat geldt onder meer voor de gekozen principes rondom luchtdichting en het gebruik van geïsoleerde sandwichdakpanelen.

Kennis die verder gaat dan dit project

De Energieproeftuin laat zien dat verduurzaming verder gaat dan het realiseren van energiezuinige woningen. Door samen te onderzoeken, uit te voeren, te monitoren en te verbeteren, ontstaat ervaring waarmee volgende projecten sterker kunnen worden voorbereid.

Die ervaring nemen we mee in nieuwe renovatie- en verduurzamingsprojecten. We delen onze inzichten actief met woningcorporaties, ketenpartners en andere opdrachtgevers. Zo helpen we om keuzes beter te onderbouwen, risico’s te verkleinen en oplossingen te realiseren die niet alleen op papier kloppen, maar zich ook in de praktijk bewijzen.

Zo profiteren niet alleen deze zestien woningen van de opgedane inzichten, maar ook de woningcorporaties en bewoners met wie we vandaag samenwerken. Want de lessen uit de Energieproeftuin passen we nog dagelijks toe binnen nieuwe renovatie- en verduurzamingsprojecten. Samen onderzoeken, uitvoeren en verbeteren: zo maken we verduurzaming haalbaar én schaalbaar.